Niet iedereen wil of kan 6 dagen per week in de sportschool staan. Als jij iemand bent die 4 dagen per week wil trainen en toch elke spiergroep 2 keer per week wil raken, dan is de upper-lower split je ideale schema. Het is de gouden middenweg tussen een full body programma en een push-pull-legs schema.
In dit artikel leg ik uit hoe een upper-lower split werkt, waarom het zo effectief is en geef ik je een compleet voorbeeldschema dat je direct kunt gebruiken.
Wat is een upper-lower split?
Een upper-lower split is een trainingsopzet waarbij je je trainingen verdeelt in twee typen:
- Upper (bovenlichaam) — alle oefeningen voor borst, rug, schouders, biceps en triceps
- Lower (onderlichaam) — alle oefeningen voor quadriceps, hamstrings, bilspieren en kuiten, plus core
De standaard opzet is 4 dagen per week: upper-lower-rust-upper-lower-rust-rust. Een veelgebruikt weekschema is maandag (upper), dinsdag (lower), donderdag (upper), vrijdag (lower). Dit geeft je 3 rustdagen per week en elke spiergroep wordt 2 keer getraind.
Het grote verschil met een push-pull-legs schema is dat je bij een upper-lower split je hele bovenlichaam op één dag traint. Dit betekent dat je per sessie minder oefeningen per spiergroep kunt doen, maar dat je dit compenseert met de hogere frequentie per spiergroep versus een traditionele bro-split.
Waarom de upper-lower split zo effectief is
De upper-lower split is populair onder coaches en sportwetenschappers, en dat is niet zonder reden. Hier zijn de belangrijkste voordelen:
Optimale frequentie in minder dagen. Je traint elke spiergroep 2 keer per week met slechts 4 trainingsdagen. Onderzoek toont consistent aan dat 2x per week per spiergroep de minimale optimale frequentie is voor maximale spiergroei. Een upper-lower split haalt dit met minder tijdsinvestering dan een 6-daags PPL-schema.
Uitstekende balans tussen volume en herstel. Elke training bevat 6-8 oefeningen, wat voldoende volume geeft zonder dat de training te lang wordt. Met 48-72 uur tussen trainingen voor dezelfde spiergroep heb je ruim voldoende hersteltijd.
Flexibel in te plannen. 4 dagen per week past in bijna elk druk leven. Je kunt zelfs een 3-on-1-off-schema draaien (upper-lower-upper-rust-lower-upper-lower-rust) voor een hogere frequentie als je dat wilt.
Geschikt voor zowel kracht als hypertrofie. De opzet leent zich uitstekend voor het combineren van zware compound oefeningen (kracht) met lichtere isolatie-oefeningen (hypertrofie) binnen dezelfde training.
Compleet upper-lower voorbeeldschema

Hier is een compleet schema dat ik in de praktijk gebruik met mijn cliënten. Het is geoptimaliseerd voor gevorderde beginners en intermediates.
Upper A (maandag) — nadruk op horizontaal duwen/trekken
- Barbell bench press — 4 sets × 6-8 herhalingen
- Barbell row — 4 sets × 6-8 herhalingen
- Seated dumbbell overhead press — 3 sets × 8-10 herhalingen
- Lat pulldown — 3 sets × 10-12 herhalingen
- Lateral raises — 3 sets × 12-15 herhalingen
- Barbell curls — 2 sets × 10-12 herhalingen
- Tricep pushdowns — 2 sets × 10-12 herhalingen
Lower A (dinsdag) — nadruk op quadriceps
- Barbell squat — 4 sets × 6-8 herhalingen
- Romanian deadlift — 3 sets × 8-10 herhalingen
- Leg press — 3 sets × 10-12 herhalingen
- Leg curl — 3 sets × 10-12 herhalingen
- Standing calf raises — 3 sets × 12-15 herhalingen
- Ab wheel rollouts — 3 sets × 8-12 herhalingen
Upper B (donderdag) — nadruk op verticaal duwen/trekken
- Standing overhead press — 4 sets × 6-8 herhalingen
- Weighted pull-ups — 4 sets × 6-8 herhalingen
- Incline dumbbell press — 3 sets × 8-10 herhalingen
- Seated cable row — 3 sets × 10-12 herhalingen
- Face pulls — 3 sets × 15-20 herhalingen
- Hammer curls — 2 sets × 10-12 herhalingen
- Overhead tricep extension — 2 sets × 10-12 herhalingen
Lower B (vrijdag) — nadruk op posterior chain
- Conventional deadlift — 4 sets × 5-6 herhalingen
- Bulgarian split squats — 3 sets × 8-10 per been
- Leg extension — 3 sets × 10-12 herhalingen
- Nordic hamstring curls (of glute-ham raise) — 3 sets × 6-10 herhalingen
- Hip thrusts — 3 sets × 10-12 herhalingen
- Pallof press — 3 sets × 10-12 per kant
Merk op dat Upper A en Upper B verschillen in nadruk. Upper A focust op horizontale bewegingen (bench press en rows), terwijl Upper B de nadruk legt op verticale bewegingen (overhead press en pull-ups). Hetzelfde geldt voor de beendagen: Lower A is quad-dominant, Lower B is posterior chain-dominant.
Progressie toepassen in een upper-lower schema
Het principe van progressieve overload is ook hier de drijvende kracht achter je vooruitgang. Hier is een praktisch progressiemodel:
Voor compound oefeningen (sets van 6-8):
- Start met een gewicht waarmee je 6 herhalingen kunt doen met goede techniek
- Werk naar 8 herhalingen op dat gewicht toe
- Zodra je 8 reps haalt op alle sets, verhoog het gewicht met 2,5 kg
- Je zakt waarschijnlijk terug naar 6 reps en herhaalt het proces
Voor isolatie-oefeningen (sets van 10-15):
- Gebruik het dubbele progressie-model: werk van de onderkant naar de bovenkant van het herhalingsrange
- Bijvoorbeeld: start op 10 reps, werk naar 15 reps, verhoog gewicht, val terug naar 10 reps
Log elke training. Zonder data kun je niet beoordelen of je progressie maakt. Een simpele notitie-app volstaat, maar een trainings-app met grafieken is nog beter.
Upper-lower vs. andere schema's

Hoe verhoudt de upper-lower split zich tot andere populaire schema's?
Upper-lower vs. full body: full body is beter voor absolute beginners (minder dan 6 maanden ervaring) vanwege de hogere frequentie per spiergroep (3x per week). Upper-lower is beter voor intermediates die meer volume per spiergroep nodig hebben dan in een full body sessie past.
Upper-lower vs. push-pull-legs: PPL biedt meer volume per sessie per spiergroep, maar vereist 6 trainingsdagen. Upper-lower biedt dezelfde frequentie (2x per week) in slechts 4 dagen. Voor de meeste mensen is upper-lower praktischer. Lees meer in ons artikel over full body vs. split training.
Upper-lower vs. bro-split: de klassieke bro-split (elke dag een andere spiergroep) traint elke spiergroep slechts 1x per week. Onderzoek toont aan dat dit suboptimaal is. Upper-lower wint hier op alle fronten.
Veelgemaakte fouten bij de upper-lower split
Pas op voor deze valkuilen:
- Te veel oefeningen per training — hou het bij 6-8 oefeningen per sessie. Meer leidt tot te lange trainingen en suboptimaal herstel.
- Upper body prioriteren boven lower body — het is verleidelijk om meer oefeningen op upper days te doen. Hou de hoeveelheid in balans.
- Altijd dezelfde oefeningen — de A/B-variatie is cruciaal. Het geeft variety in stimuli en voorkomt overbelasting van specifieke gewrichten.
- Te weinig rust nemen — bij zware compound oefeningen heb je 2-3 minuten rust nodig tussen sets. Dit is bewezen effectiever dan 60 seconden.
- Core vergeten — voeg op minstens één (liefst beide) beendag gerichte core-oefeningen toe. Je core wordt wel geactiveerd bij squats en deadlifts, maar direct core-werk is een waardevolle aanvulling.
Conclusie
De upper-lower split is de ideale trainingsopzet voor wie 4 dagen per week wil trainen en maximale resultaten wil halen. Het combineert de optimale trainingsfrequentie van 2 keer per spiergroep per week met voldoende volume en herstel. De A/B-variatie zorgt ervoor dat je spieren vanuit verschillende hoeken en bewegingspatronen worden belast.
Of je nu vanuit een full body schema doorgroeit of een meer praktisch alternatief zoekt voor een 6-daags PPL-schema, de upper-lower split is een bewezen keuze die resultaat levert. Start met het voorbeeldschema uit dit artikel, pas het progressiemodel toe en evalueer na 8-12 weken je resultaten.
Let op: dit artikel is informatief bedoeld en vervangt geen persoonlijk trainingsadvies. Raadpleeg bij blessures of twijfel altijd een arts of fysiotherapeut.
Veelgestelde Vragen
Absoluut. Met een upper-lower split train je elke spiergroep 2 keer per week, wat de optimale frequentie is volgens wetenschappelijk onderzoek. De totale hoeveelheid sets per week is belangrijker dan het aantal trainingsdagen.
Ja, dat kan prima. Upper en lower trainen verschillende spiergroepen, dus er is geen herstelconflict. Het standaard schema is zelfs ma-di en do-vr. Plan de rustdag in het midden van de week.
Voor de meeste spiergroepen is 12-20 sets per week optimaal voor hypertrofie. Met een upper-lower schema verdeel je dit over 2 sessies, dus 6-10 sets per spiergroep per training. Beginners starten aan de onderkant, gevorderden aan de bovenkant.
Het wordt sterk aangeraden. Door de nadruk te variëren (horizontaal vs. verticaal) belast je gewrichten en spieren vanuit verschillende hoeken. Dit vermindert overbelastingsblessures en stimuleert meer totale spiergroei.